HET GRAVELIJK KASTEELDOMEIN VAN CRUYSHAUTEM: ONBEKEND ? STRAKS BEMIND !

kasteel van het Graafschap Cruyshautem                                                           

Het kasteel van het Graafschap Cruyshautem (foto Carl Delacauw) werd tussen 1630 en 1634 opgetrokken in opdracht van Karel de Jauche de Mastaing. Het was niet de eerste burcht op deze site, die ooit het centrum van de heerlijkheid Ayshove was. De naam ‘Ayshove’ duikt immers al op in 1227, wanneer Daniël II van Machelen als dominus ervan wordt geboekstaafd. De heren van Machelen waren vooraanstaande lieden die hand- en spandiensten leverden aan de Vlaamse graven in hun oorlogen tegen de Franse koningen. Kruishoutem was toen een gehucht, Ayshove een hoeve. De naam - hof van Aio - is van Frankische oorsprong. Vermoedelijk al in 8ste- 10de eeuw was de nederzetting uitgegroeid tot een aanzienlijke landbouwexploitatie die met houten palissaden tegen de invallen van o.a. de Noormannen werd versterkt. Later kwamen er donjons, omwalde stenen torengebouwen, waarvan de grondvesten trouwens nu nog traceerbaar zijn in de kelders van het huidige kasteel.

Door huwelijksinbreng volgden meerdere adellijke geslachten elkaar in snel tempo op: van Machelen (1227-1320), van Gavere (1320-1354), van Loon-Agimont (1354-1375), de Rochefort (1375-1403), van Steenhuize (1403-1428) en van Gavere Schorisse (1428-1460). Vanaf 1460 had het geslacht de Jauche de Mastaing gedurende 272 jaar het domein in handen. Net als de vorige families bekleedden ze hoge functies als raadsheren en legeraanvoerders in dienst van graven en vorsten. Het wapen van de familie - goudgele horizontale band in rood - heeft de kleuren van het gemeentelijke blazoen van Kruishoutem bepaald.

Karel de Jauche (1593-1652) was de eerste kasteelheer die effectief in Kruishoutem kwam wonen. Omstreeks 1630 liet hij de oude donjon slopen en op de grondvesten ervan het nu nog bestaande kasteel optrekken. Het was niet steeds peis en vree tussen kasteelheer Karel en Cruyshautem. In 1637 ontstond er een geschil met de plaatselijke notabelen. Deze hadden gemerkt dat hij geen belastingen betaalde op zijn kasteel en op de goederen van zijn heerlijkheid. Het kwam tot een vergelijk, waaruit blijkt dat Karel goed had weten te onderhandelen; de goederen van Ayshove werden weliswaar belast, maar met uitzondering van het slot en de wallen, van de boomgaard en van de meersen, alsook van de Warande en het Pladijsbos. In 1645 werd Karel de Jauche baron van Cruyshautem. Waarschijnlijk kreeg hij deze titel van Koning Filips II voor zijn militaire ondersteuning van de Spaanse troon tijdens de opstanden in de Nederlanden.

Karels zoon Filips de Jauche (1629-1683) verfraaide het aanzien van het kasteelpark met verschillende lanen, o.a. in 1675 van de Sterreknok tot aan de Bankstraat (voorloper van actuele Nieuwstraat en Tjollevelddreef). De vijverpartij in het park werd toen aangelegd. Na de bouw van het kasteel door vader Karel betekenden deze werkzaamheden een tweede aanslag op de familiale geldbeugel. Het was het begin van het einde van de heren de Jauche. Maar voordien had Filips wel nog zijn moment de gloire beleefd. Op voorspraak van de Franse zonnekoning Louis XIV mocht hij zich vanaf 1670 graaf van Cruyshautem noemen. Tezelfdertijd kreeg datzelfde Cruyshautem de koninklijke toelating om een jaarmarkt te houden op 25 juni (daags na Sint-Elooi), de voorloper van de huidige UNIZO-maandagavondmarkt op het einde van de junimaand.

De nakomelingen van Filips slaagden er niet in de financiële putten te delgen. In 1732 kocht Willem-Jozef vander Meere (1673-1743) het kasteel en verkreeg de titel van graaf van Cruyshautem. Het geslacht van der Meere had in Oudenaarde sinds de 14de eeuw schepenen en burgemeesters geleverd. De vander Meeres stonden - in tegenstelling tot de overige plattelandsadel uit de streek - geboekstaafd als aanhangers van de dynastie van Oranje-Nassau. In 1735 liet Willem op het fronton van het kasteel het familiedevies aanbrengen: “Je maintiendray” (Ik zal handhaven), wat ook het wapenschild van de Nederlandse troon siert.

Vanaf 1796 gebruikte Charles vander Meere (1766-1837) het kasteel als zomerresidentie. Charles was een nauwgezet man, die zijn eigendommen als een goede huisvader beheerde. In 1795 kreeg hij een dochter, twee jaar later een zoon. August vander Meere (1797-1880) was in tegenstelling tot zijn vader een losbol en een avonturier. Tot drie keer toe was hij betrokken bij een staatsgreep tegen de Leopold I, eerste koning der Belgen. Dit liederlijk figuur was de laatste graaf van Kruishoutem. In 1839 kocht gravin Eugénie vander Meere (1795-1871), echtgenote van burggraaf Pierre Charles Joseph Desmanet de Biesme, het kasteel van haar berooide broer August. Zij was de laatste gravin van Kruishoutem. Samen met haar man stond ze omstreeks 1860 in voor de bouw van het poorthuis en de heraanleg van het park in Engelse landschapsstijl.

Burggraaf Desmanet de Biesme en zijn gemalin hadden vier kastelen, eentje voor elk van hun vier kinderen. De ongehuwd gebleven burggravin Julie Desmanet de Biesme (1829-1913) erfde het slot te Kruishoutem. Ze ondersteunde talrijke ‘goede werken’ in de gemeente en hield er op het kasteeldomein een 30-tal arbeiders en dienstboden op na - wat uiteraard te veel was -, maar ze verschafte liever werk dan dat ze bedelende handen moest helpen. De burggravin gebruikte het domein hoofdzakelijk als zomerverblijf en verhuurde het vanaf 1903 aan messire Gabriël Piers de Raveschoot (1870-1916).

Na haar overlijden kocht deze kasteel en bijhorend park. Gabriël stierf amper drie 3 jaar na de aankoop, waarna zijn echtgenote Elisabeth Vergauwen (1870-1963) er bleef wonen tot haar overlijden in 1963. Nadien verbleef dochter Rosine (1906-1975) er tot ze er in 1975 dood werd aangetroffen. Het chateau stond vervolgens zowat een jaar opgesloten en werd in 1976 gekocht door de industrieel Carl Van Marcke (1939-2010). Sinds zijn overlijden in 2010 is het kasteel van Cruyshautem de woonst van zijn echtgenote Magdalena De Roeck. 

OMD 10.09.2017 - GRAVELIJK KASTEELDOMEIN VAN CRUYSHAUTEM

  • Gidsbeurten:
  • Start: ingang kasteelpark (hoek Kasteelstraat en Colijnstraat).
  • Parking: Colijnstraat, weide Kasteelstraat rechtover kasteel, en op wandelafstand in het centrum van Kruishoutem (markt, Kerkhofweg en Nieuw Plein).
  • Inkom gratis.
  • Meerkleuren brochure te verkrijgen na gidsbeurt.

Organisatie: heem- en geschiedkundige kring Hultheim i.s.m. gemeentebestuur Kruishoutem. Zie: www.hultheim.be.