Nokerdorpstraat, Huisepontweg, Lededorp, Wannegemdorp, Kouterstraat, Herlegemstraat ... Kruishoutem heeft verscheidene kasseistroken die gefundenes fressen zijn voor de Vlaamse wielerklassiekers.  De Ronde van Vlaanderen, Kuurne-Brussel-Kuurne, E3 Prijs Harelbeke, Dwars door Vlaanderen en last but not least uiteraard Danilith Nokere Koerse sturen de profrenners vaak over de Kersoutemse kinderkopjes (‘the Cruyshautem cobblestones’).

Kasseien Huisepontweg  kasseien nokeredorp

Links de renners over de kasseien van de Huisepontweg te Wannegem-Lede tijdens de Ronde van Vlaanderen 2009 (foto Edwin De Borggraeve). Rechts de Nokeredorpstraat in 1993. Het jaar nadien werd de weg opnieuw geplaveid (zie ook : https://www.hultheim.be/index.php/kruishoutem/uit-de-oude-doos/229-1994-nokere) (foto Oscar Pauwels)

Reeds ten tijde van de Romeinen werden in de regio heirbanen met stenen aangelegd. In de Vlaamse Ardennen gebruikten ze daarvoor plaatselijke steensoorten, zoals kiezelzandstenen, kwartszandstenen en silexkeien. Pas tijdens het  bewind van de Oostenrijkse keizerin Maria Theresia (van 1740 tot 1780) werden buiten de steden de eerste stenen wegen aangelegd. Het gesteente werd aangeleverd door de porfiergroeven van Quenast en Lessines. Het porfier bepaalt de grijsachtige kleur van de Vlaamse kalsijdes. Ook Noorse en Zweedse graniet werd gebruikt, alsook (in mindere mate) Balegemse witsteen. Later werden de kasseien verdrongen door macadam, tarmac, asfalt en fluisterbeton.

Donkerstraat 1  Donkerstraat 2

Dat de Vlaamse aarden plattelandsweggetjes ooit hun eerste verharding kregen met kasseien blijkt zo nu en dan, wanneer wegeniswerken ons een tijdelijke inkijk geven op de letterlijk toegedekte geschiedenis van ons wegenpatrimonium. Zo toonden de recente herstellingen van de Donkerstraat te Kruishoutem aan dat de eerste grondlaag er één was van kasseien, vooraleer deze verdwenen onder het asfalt. Balegemse kasseien zijn beige-crèmekleurig met hier en daar accenten van licht oker, en zijn onregelmatig van vorm en formaat, zodat ze absoluut niet lijken op de klassieke kinderkopjes. Ze worden daarom in zgn. ‘wildverband’ geplaatst, wat in de Donkerstraat toch wel een eufemisme was voor ‘schots en scheef’.

Info bij: VAN DER LINDEN Geert, Kasseiwegen in de Vlaamse Ardennen. Zeldzaam edelgesteente, Monumenten & Landschappen 13/2, maart-april 1994, p.8-23.