Deken Van Bogaert

Exact 110 jaar geleden werd bericht: “Priesterlijke benoemingen -  Zijne hoogweerdigheid heeft benoemd: Pastoor-deken te Cruyshautem, den Z.E.H. Van Bogaert, pastoor te Wichelen, in vervanging van den Z.E.H. Van den Fonteyne, die op zijne aanvraag, zijn eervol ontslag bekomt.” (De Denderbode - 26 juni 1910).

Deken Van Bogaert zal zijn parochianen moreel en religieus door de Eerste Wereldoorlog loodsen, maar is nadien dermate van zijn melk dat hij nalaat verslag uit te brengen bij kardinaal Mercier over de oorlogsomstandigheden in Kruishoutem. Op 2 december 1919 beperkt hij zich tot een kort kattenbelletje. Zijn excuus: “Verschooning dat ik zoo laat antwoord. Mea Culpa! Ik had uwen brief uit het oog verloren. Na de gebeurtenissen die wij hier beleefd hebben, is het te verstaan, dat wij, zelfs nu, nog op ons effen niet zijn”.  

Een jaar voordien, op 8 november 1918 - luttele dagen voor  de Wapenstilstand - had Van Bogaert zich nochtans meer slagvaardig getoond toen hij Paul Berryer, de Belgische Minister van Binnenlandse Zaken, te Cruyshautem had ontvangen. Krijgshaftig bewierookte hij toen zijn parochianen als Spartaans volhardende patriotten: “Men wilde den Duitsch blijven haten, zelfs wanneer men van honger moest omkomen. Dit geeft u een gedachte van ons misprijzen. En indien wij nog honger moesten lijden, zouden wij de ontbering met gelijk verdragen zoolang onze soldaten er eindelijk in gelukken het smerige beest, dat men mof noemt, te verpletteren’.” (Belgisch Dagblad - 6 december 1918). Straffe taal ! “De priester glimlachte, vreugdig omdat hij deze biecht mocht doen, die dezelfde is als deze zijner parochianen, en zijn ascetengelaat (zie nochtans foto …) zag er, bij het slecht licht der lamp (dat zal de verklaring zijn), uit als dat van een wreker en bewees ten klaarste de gevoelens der bevolking.” (De Legerbode - 16 december 1918).

Info bij:

DE BORGGRAEVE Edwin, Kruishoutem in de parochiale oorlogsverslagen, jaarboek Hultheim 2019, p.115-141.