Alphonse Baut de Rasmon (1756-1833), de bouwheer van het kasteel van Wannegem-Lede, spendeerde fortuinen aan zijn verzameling planten en bloemen, die hij kweekte in zijn oranjerie en serre. De kasteelheer, die tijd en geld te veel had - een voor de Hultheim bestuursleden ongekende luxe - was een fanatieke botanicus en aanhanger van de Engelse tuinarchitectuur.

Alphonse Baut de Rasmon 1756 1833   oranjerie kasteel

Links: Alphonse Pierre Antoine Baut de Rasmon (foto bij Katrien Hebbelinck). Rechts: de oranjerie in de ommuurde moestuin in het oostelijk deel van het kasteelpark (Luc Polfliet, foto ca. 1990).

213 jaar geleden, in 1808 was baron Alphonse medestichter van ‘les Amis de Flore et de la Botanique’, vandaag gekend als de ’Koninklijke Maatschappij voor Landbouw en Plantkunde’. Het Gentse genootschap hield het jaar nadien zijn eerste bescheiden expositie met 50 planten. Door het grote succes werd besloten tot twee plantententoonstellingen per jaar. Baut nam zelf ook deel aan deze winter- en zomersalons, die later zouden uitgroeien tot de befaamde Gentse Floraliën. Meer dan eens viel hij in de prijzen. Hiermee ging hij mee in de toenmalige tijdsgeest; vele gegoede eigenaars verzamelden zeldzame gewassen. Onderlinge wedijver om de mooiste culturen en de nieuwste exoten was hen niet vreemd. De Gentse tentoonstellingen kenden in de Hollandse periode (1815-1830) veel succes. Het bezoek van Leopold I, de eerste koning der Belgen, in 1834 maakte baron Alphonse niet meer mee; hij was het jaar voordien op 77-jarige leeftijd overleden. In 1873 werd de eerste van de vijfjaarlijkse Floraliën georganiseerd. 

Erepenning best gekweekte plat 1827  Erepenning best gekweekte plat 1827 front

Ook in Kruishoutem haalde de baron-botanicus meerdere erepenningen bij de ‘Maetschappy van Plant-kunde tot Cruyshautem’, o.a. n.a.v. de kermis in 1827. Ofschoon zijn flora ongetwijfeld van hoge kwaliteit was, zal het voor de jury wellicht niet makkelijk geweest hem om hem géén prijs toe te kennen (medaillon archief Hultheim, foto’s recto verso Carl Delacauw).

De waarde van de floraverzameling van de Wannegemse kasteelheer was indrukwekkend. Twee specialisten hadden bij zijn overlijden vijf dagen nodig om een inventaris te maken van het park, de oranjerie, de serre en van alle fruitbomen. De financiële raming ervan ten bedrage van 22.726 francs oversteeg zowel de waarde van het meubilair (16.439 francs), als van het zilverwerk en juwelen (21.689 francs). Samengeteld met 11.688 francs voor de inheemse bomen, hagen en heesters op het domein evenaarde dit kapitaal de totale waarde van de bibliotheek (31.550 francs). Zijn collectie kwam van zowat alle continenten ter wereld. Het blijft een raadsel hoe hij erin slaagde planten en sierstruiken uit de meest afgelegen plaatsen naar Wannegem te laten overbrengen.

Info bij: HEBBELINCK Katrien, Baron Baut de Rasmon en de ‘jardin pittoresque’ van Wannegem-Lede, tijdschrift Monumenten & Landschappen, november-december 1999, p.21-56.

Zie ook: