Er komt (weer) leven in de Marollerbrouwerij ! De nieuwe passiefschool opent op maandag 2 september 2013 de deuren voor haar eerste werkjaar. Maar hiermee houdt het niet op. De belendende site van het vroegere Passionistenklooster gaat waarschijnlijk nog deze herfst tegen de vlakte om plaats te maken voor ‘Waegebrughe’, de nieuwe welzijnscampus van VZW Vijvens.

Bovenaanzicht-passionistenklooster

Twee initiatieven die een voorzetting zijn van wat op de Marolle door de Paters Passionisten sinds 1926 een constante is geweest: zorg voor de medemens. Hoe het klooster er kwam en de Marolle uit zijn slome sluimer haalde, leest u in de Kruishoutemse Kroniek: ‘Passionistenklooster, Kruiskouter, Waegebrughe’.

De benaming ‘Waegebrughe’ verwijst trouwens naar een toponiem dat Hultheim-voorzitter Raoul De Bel aantrof op een Caerte Figuratief, een getekende plattegrond van de omgeving de dato 28 mei 1777 met als attestatie: ‘'Langs de Straete Een partije Zaeylandt genaemt de waegebrugge'. Het perceel was te situeren aan de noordkant van de huidige Passionistenstraat en werd aan zijn oostzijde (richting Wijckhuize en Zandvlooi) begrensd door de Plezierbeek.

Een ‘waag’ is een plaats of een gebouw waar goederen, meestal afkomstig uit landbouw en veeteelt, werden gewogen. Een eerste gedachte zou dus kunnen zijn: waegebrughe = weegbrug. Eigenaardig dan toch dat een dergelijke benaming zou zijn gegeven aan een kavel landbouwgrond. Meestal kregen deze immers namen mee die verwezen naar hun eigenaars (bv. ‘Pauwels Put’) of naar hun natuurlijke of geografische kenmerken (bv. ‘Hoge Meers’’).

Het thesisonderzoek van Lieve De Bel (‘Kruishoutem toponymisch doorgelicht tot 1600’ - Univ. Gent, fac. Letteren en Wijsbegeerte, 1996-1997) bracht licht in de duisternis. Voor de bewuste locatie - ten noorden van hoeve te Waelbroeck, waar de Plezierbeek de actuele Passionistenstraat snijdt - waren reeds in vroegere eeuwen toponymische vermeldingen terug te vinden: “Op een buelxkin (= een perceeltje hooiland) ter waghenbrugghe ant hec oest waert” (1419) en “1000 lants ande waghebrugghe” (1572). Een ‘wagenbrug’ is een brug die breed genoeg was voor een gespan van paard en kar. Het toponiem verwijst dus naar de overbrugging van de Plezierbeek door de toenmalige landweg, later de Lozermolenstraat, nu de Passionistenstraat genaamd. 

Landbouwperceel Waegebrugge Plezierbeek   Foto links: de Waegebrughekouter in augustus 2013. In 1419 weide en hooiland, in 1777 een ‘partije zaeylandt’. 236 jaren later is dit nog steeds zo. Links op de achtergrond merkt u de torenspits van de Sint-Gabriëlkerk, waaromheen de nieuwe welzijnscampus komt. Foto rechts: de Plezierbeek aan de overkant van de Passionistenstraat richting ’t Goed te Waelbroeck. 

 (tekst Edwin De Borggraeve, foto’s Raoul De Bel en Edwin De Borggraeve, info bij Lieve De Bel).  

Zie ook: