wijzerplaat-kerk-KruishoutemXVII jaar geleden kreeg de kerktoren van de Sint-Eligiuskerk op donderdag 27 november 1997 vier nieuwe wijzerplaten. Ze wogen elk veertig kilo, hadden een diameter van 2,5 meter en waren vervaardigd uit ABS-kunststof. Maar, wat is het Romeinse cijfer voor ‘4’ ?  IIII of IV ? Eén keer raden ! Ook de Sint-Ursmaruskerk van Nokere en de O.L.Vrouw van Bijstandskerk te Lozer zweren bij IIII i.p.v. IV !  De kerken van de Marolle, van Wannegem en van Lede hebben geen wijzerplaten (meer).

Waarom treffen we zo vaak IIII ipv. IV aan op uurwerken en polshorloges ? Er zijn meerdere theorieën.

  1. De Romeinen zelf al gebruikten dikwijls IIII, volgens de overlevering omdat IV de beginletters van de Romeinse oppergod IVPITER vormen.
  2. Een tweede uitleg is dat er op een klok een even aantal tekens wordt gebruikt: 20 I’s, 4 V’s, en 4 X’en. Dit was goedkoper om te gieten en te vormen in een mal dan wanneer de IV werd gebruikt: 17 I’s, 5 V’s, 4 X’en.
  3. Een derde mogelijke reden is dat de IV (4) ondersteboven - zoals op een klok gebruikelijk is - sterk lijkt op VI (6). Omwille van visuele duidelijkheid opteerde men dus voor IIII.
  4. Tevens vertoont IIII een zekere symmetrie ten opzichte van de VIII (8) en XII (12).
  5. En als uitsmijter een vijfde hypothese: Henry de Vicq vervaardigde in 1370 één van zijn eerste horloges voor de Franse koning Charles V. Deze merkte op dat de IV vervangen moest worden door IIII. De uurwerkmaker antwoorde eerbiedig dat de koning het vermoedelijk verkeerd voorhad, waarop deze gestreng repliceerde dat een koning zich nooit vergist. De Vicq zweeg wijselijk. Het frans-romeinse cijfer IIII was geboren.

Met dank aan Johan van Cauwenberghe en Edwin De Poortere.