Anno Domini 2020

De geschiedenis is het heden gezien door de toekomst
- Godfried BOMANS (1913-1971), Nederlands auteur en mediafiguur

Het was in het jaar des Heren ... In deze rubriek treft u de artikeltjes aan die ooit als brandend actueel nieuws op de hoofdpagina van deze site stonden. Wat ooit het heden was, is intussen verstild in het verleden. Dat verleden - van feiten en activiteiten - kan u hier nog 's in chronologische volgorde doornemen.

Een kerk heeft een preekstoel. Van op het kansel bewoog de dorpsherder hemel en aarde om zijn schapen zo godvruchtig mogelijk naar die eerste, hoger gelegen weide te begeleiden tijdens hun verblijf in het tranendal, dat die tweede plek toch vaak was. Dit gebruik verdween vanaf de tweede helft van de jaren zestig, niet toevallig het begin van secularisatie en kerkvlucht. Maar, de Sint-Eligiuskerk te Kruishoutem, de Sint-Dionysiuskerk te Lede, de Sint-Ursmaruskerk te Nokere en de O.L. Vrouw van Bijstandkerk te Lozer, allen hebben ze nu nog hun spreekgestoelte, toonbeelden trouwens van zeer aardige houtsculptuur. Het is een aanrader om tijdens de Kerstdagen deze kerken - alle Kruis(hout)emse kerken overigens - ’s een bezoekje te brengen. Coronaproof uiteraard. 

Het Koninklijk Instituut voor Kunstpatrimonium (http://www.kikirpa.be/) liet in de jaren zeventig van de vorige eeuw Belgische kerkschatten en -meubilair fotograferen (zie 4 foto’s hieronder). Toen de Kruishoutemse kerken werden aangedaan, waren de kansels in de Sint-Gabriëlkerk op de Marolle en in de Sint-Machutuskerk te Wannegem al verdwenen. Van de preekstoel in deze laatste kerk zijn zelfs geen foto’s meer gekend.

preekstoel sint dionysiuskerk lede  preekstoel bijstandskerk lozer  preekstoek sint ursmaruskerk nokere

V.l.n.r. Sint-Dionysiuskerk Lede (foto Studio Wildemeersch 1977) - O.L.Vrouw van Bijstandkerk Lozer (foto Luc De Rammelaere 1978) - Sint-Ursmaruskerk Nokere (foto Studio Wildemeersch 1976).

preekstoek sint eligiuskerk kruishoutem  preekstoek sint gabrielkerk

Links: Sint-Eligiuskerk Kruishoutem (foto Studio Wildemeersch 1976). Rechts Sint-Gabriëlkerk met kansel (in marmeren blokvorm) rechts (detail postkaart 1937).

Op de Marolle verdween het marmeren kansel waarschijnlijk in 1967-1968: “Vanaf 1965 … Het Tweede Vaticaans Concilie is voorbij: er zijn grote en ingrijpende wijzigingen merkbaar, vooral in de liturgie. Wij leren nu nederlandstalige liederen zingen, de misteksten zijn verstaanbaar geworden, de kerkganger ‘zit’ veel dichter bij het Eucharistisch gebeuren. De kerk is in volle beweging. Op zeker ogenblik wordt beslist de preekstoel en de communiebank te verwijderen, omdat die toch niet meer gebruikt worden.”, zo lezen we bij VERZELE Gaby, VERZELE Jozef en VAN CAUWENBERGHE Johan, De Passionisten en de Marolle: 78 jaar intens samenleven, jaarboek Hultheim 2004, p.220.

Het is geen toeval dat in hetzelfde tijdsgewricht ook in de Sint-Machutuskerk te Wannegem het kansel onder de sloophamer gaat. Op zondag 5 maart 1967 wordt er “voor de eerste maal de vlaamse mis gezongen.” De vrijdag erna al moet het spreekgestoelte eraan geloven: Vrydag 10 maart (1967): afbraak van de preekstoel, vervanging van de lege plaats door cementtegels. De preekstoel werd afgebroken omdat hy, volgens schatting, totaal waardeloos was, gans in het plaaster was, met gebroken beelden, en reeds begon af te brokkelen. De heer burgemeester ridder J.B. de Ghellinck d’Elseg(h)em en de heer voorzitter van de kerkfabriek, Emiel De Smet, waren verwittigd en waren akkoord. Reeds in de jaren 1920 had myn voorganger, pastoor Verbeke, de preekstoel willen afbreken ! Daar hy echter in Heusden benoemd werd, kwam daar niets van terecht. De kerk is er veel mee verklaard en er is veel plaats gewonnen.” (notities EH Verbrugghe in Liber Memorialis Sint-Machutuskerk Wannegem).

Een jaar later kwam EH Albert De Vos als nieuwe zielenherder naar Wannegem. Omdat hij geen kansel had, hield hij zijn sermoenen kort.

roest geweerEen soldaat trekt ten oorlog met een proper gekuist geweer. Een ambachtsman trekt ten arbeid met goed onderhouden alaam. En toch … 120 jaar geleden: “Kruishoutem - Zondag namiddag was Pieter Declercq, timmerman alhier, bezig met een beroest geweer naar musschen te schieten. ’t Wapen ontplofte. De ongelukkige werd zoo afgrijselijk gewond aan de hand, dat de dokter tot afzetting heeft moeten besluiten.” (Gazette van Brugge - 1 december 1900).

Door de COVID lockdown volgen velen de raad van de Franse filosoof Jean-Jacques Rousseau (1712-1778). Ze keren massaal terug naar de natuur. Waar kan dat beter dan in Lozerbos, één van de groene longen van Kruis(hout)em ?

Lozerbos anno 1745

(detail van kaart Villaret bij www.geopunt.be)

Vroeger was het bos groter dan nu. Dat merkt u op de kaart Villaret d.d. 1745, zowat een kwarteeuw ouder dan de meer bekende Ferraris kaarten. U ziet centraal bovenaan de locatie van de in 1885 afgebroken Lozeren Meule, in de buurt van de samenkomst van wat nu de Passionistenstraat en de verharde Lozermolenstraat is. Deze laatste wegel daalde ook toen al oostwaarts af naar het vijfwegenpunt waar de O.L. Vrouw van Bijstandskerk in 1845 de deuren zou openen. Waar later de dorpskern zou groeien, was er in 1745 nog hoofdzakelijk bos. Onderaan het omwalde château de Huysse, met veel minder vijverpartijen dan nu. De kasteelwallen werden deze winter weer uitgegraven. De kaart is genoemd naar Jean Villaret (1703-1784), ingenieur-geograaf aan het hof van Louis XV, die na de Franse inval het gebied tussen Gent-Doornik tot Maastricht-Luik in kaart bracht.

Lozerbos strekte zich toen uit van de huidige Boekweitstraat in het westen tot hoeve Wijkhuize in het noorden en Neerrechem in het oosten. Bij de aanvang van de 19de eeuw werden aanzienlijke bosoppervlakten omgezet in landbouwgrond. Het bosareaal bedraagt heden ten dage 44 ha en is grotendeels eigendom van de familie della Faille d’Huysse en van het Oudenaardse OCMW.

Info o.a. uit de brochure ‘Lozerbos, een inrichtingsproject van de Vlaamse Landmaatschappij’, te verkrijgen bij de infodienst van de gemeente Kruisem.

Info over de geschiedenis van Lozermolen vindt u in ons jaarboek 2020: 'Het stond geschreven en gedrukt. Lozer in 110 jaar historische persknipsels (1843-1952)' van Edwin De Borggraeve. Het jaarboek is te koop à 30€ via overschrijving op rek.nr. BE05 0682 3409 4975. Praktische Info bij: https://www.hultheim.be/index.php/publicaties/jaarboeken.

N.a.v. openbare infrastructuurwerken werd dit jaar het centrum van Kruishoutem een tijdelijk onderzoeksterrein voor een archeologisch team van de Amsterdamse Universiteit, met Johan van Kampen als projectleider. Het woelde de bodem om op zoek naar sporen uit het verleden. Vooraf was reeds geweten dat de moerassige omgeving vanaf 1100 voor het eerst werd bewoond. Het plan hieronder van erevoorzitter Raoul De Bel toont aan dat de eerste Sint-Eligiuskerk met kerkhof (aangeduid in rood) anders georiënteerd was dan de actuele kerk (aangeduid in zwart). Locaties 3 en 4 waren een herberg en schepenzaal gebouwd tegen de kerkhofmuur.

centrum anno 1850

Tijdens de lente werd het vroegere markterrein onderzocht waar een 60-tal munten werd gevonden, alsook aanwijzingen voor de lokalisatie van een schandpaal (zie op plan van Raoul De Bel - locatie 5). Vervolgens - na een gedwongen corona-break - kwam het plein vóór het gemeentehuis in de scoop van de archeologen. Ze legden er de funderingen bloot van een herberg met schepenkamer (op het plan van Raoul De Bel - locaties 3 en 4). Het gebouw dateerde van de 17de eeuw en evolueerde tot in de 19de eeuw. De zuidelijke muur ervan was een onderdeel van de ommuring van het kerkhof omheen de toenmalige Sint-Eligiuskerk. Dit kerkhof werd maximaal benut. De eerste graven die de archeologen aantroffen, lagen tot tegen de muur van de herberg aangestouwd (zie linkse foto hieronder). De grond van het kerkhof werd trouwens verschillende keren opgehoogd. De oudste graven liggen daardoor veel dieper dan de latere. Op sommige plekken constateerden de onderzoekers maar liefst 10 begravingsniveau’s. Ruim 1.100 graven werden geborgen.

 opgravingen centrum 2020 1  opgravingen centrum 2020 2

Vrijdag 12 juni 2020. Foto links: archeologen deponeren op het vroegere kerkhof skeletten in plastic bags. De kerkhofmuur bevindt zich rechts van hen. Tegen deze muur aan werd rechts ervan de herberg met de schepenzaal aangebouwd. Op de foto rechts een deel van deze behuizing met op de voorgrond de kerkhofmuur (foto genomen richting gemeentehuis). Tussen de achterste bemuring en het gemeentehuis bevond zich de vroegere, smalle weg in Kruishoutem-centrum (foto’s Edwin De Borggraeve).

Een eerste gedetailleerd verslag van de opgravingen door projectleider-archeoloog Johan C.G. van Kampen vindt u in ons jaarboek 2020, dat volgende week verschijnt en te koop is à 30€ via overschrijving op rek.nr. BE05 0682 3409 4975. Voor bijkomende info: https://www.hultheim.be/index.php/publicaties/jaarboeken.

In 1807 wordt Kruishoutemnaar Bernard Levrau opgevorderd voor la Grande Armée  van Napoleon Bonaparte. Als 19-jarige knaap gaat hij scheep richting het Caraïbische eiland Martinique. Op 30 januari 1809 plaatsen de Engelsen daar een hevige aanval. Een maand later capituleren de Fransen. Meer dan de helft van de 3.000 Franse (en Vlaamse soldaten) zijn intussen gesneuveld.

The taking of the French island of Martinique in the French West Indies on Feby 24th 1809

The taking of the French island of Martinique in the French West Indies on Feby 24th 1809. Gekleurde houtgravure, gepubliceerd door G. Thompson, Londen, 17 juni 1809 (copyright National Army Museum Londen).

Bernard Levrau overleeft. Als krijgsgevangene wordt hij afgevoerd naar Engeland. Het schip waarop hij gevangen zit, blijft maandenlang dobberen in de haven van Plymouth, zonder de mannen aan wal te brengen. De omstandigheden zijn erbarmelijk: “De helft van de tijd geven zij ons voedsel dat zelfs honden zouden weigeren. De helft van de tijd is het brood niet gebakken en alleen maar goed om het tegen de muur te keilen. Het vlees lijkt wel mijlenlang door de modder te zijn gesleept. Tweemaal per week krijgen wij bedorven en gezouten eten: haringen op woensdag en kabeljauw op zaterdag. Verschillende keren hebben wij geweigerd dit te eten maar we kregen niets in de plaats. ‘Alles is goed genoeg voor een Fransman’ werd ons gezegd. Daarin ligt het motief van hun barbaarsheid “ …

Zal Bernard Levrau dit overleven? Welnu, dat verklappen we niet. U leest het in ons jaarboek dat binnen twee weken verschijnt in het artikel: “Een Kruishoutemnaar op wereldreis voor Napoleon. Uit het levensverhaal van elitesoldaat Bernard Levrau”, geschreven door Philippe Levrau.

Inschrijven kan nog: 30€/boek, op rek.nr. BE05 0682 3409 4975 van Hultheim met vermelding aantal jaarboeken + uw naam, voornaam en adres. Bij verzending per post: +10€. Kruishoutemse Kronieken: 15€/boek. Beschermleden: 50€ (waarvoor jaarboek + vermelding in jaarboek en op website).

In 1920 werd in een Grammens landbouwersgezin een tweeling geboren, Albert en Robert De Vos. Beide knapen bleken van kindsbeen af artistiek begaafd te zijn. Getuige hiervan zijn deze twee werkjes, die dateren van de jaren 1932-1933. Robert overleed op amper 13-jarige leeftijd.

Albert de Vos spoorwegtunnel bij deinze  Robert de vos kerk grammene

Naar de natuur, links: Albert De Vos (spoorwegtunnel bij Deinze), rechts Robert De Vos (kerk Grammene) (copyright Hultheim - fotografie Carl Delacauw)

Broer Albert werd priester gewijd in 1945. In 1968 werd hij pastoor benoemd in Wannegem, in 1983 ook in Lede. ‘Voske’ was niet zomaar een parochiepriester. Hij was dichter, filosoof, kunstenaar, cultuurflamingant, Schiller en Goethekenner, levensgenieter, sigarenroker, schilder, wijnkenner, voordrachtgever, en vooral mens tussen zijn mensen. Hij overleed in 2005. Hij rust sindsdien dicht bij zijn Sint-Machutuskerk op een boogscheut van de pastorie waar hij 37 jaren heeft gewoond.

Roland Broekaert schreef voor het Hultheim-jaarboek 2020 een hommage-artikel over pastoor Albert De Vos. Het artikel wordt geïllustreerd met tot heden ongekende tekeningen en schilderijen van Albert, maar ook van zijn broer Robert.

Wees er rap bij! Voorinschrijven kan nog tot woensdag 25 november: 28€/boek, op rek.nr. BE05 0682 3409 4975 van Hultheim met vermelding aantal jaarboeken + uw naam, voornaam en adres. Vanaf donderdag 26 november: 30€/boek. Bij verzending per post: +10€. Kruishoutemse Kronieken: 15€/boek. Beschermleden: 50€ (waarvoor jaarboek + vermelding in jaarboek en op website).