Welkom!

… op de website van Hultheim, de heem- en geschiedkundige kring van Kruishoutem. Hier vindt u heemkundige en historische updates over Kruishoutem, de Marolle, Lozer, Nokere, Wannegem en Lede. De laatste info staat bovenaan, voor de oudere verslagjes scrolt u naar beneden.

 

Dit weekend gooit te Kruishoutem het kakelverse Parochiaal Ontmoetingscentrum De Kepper zijn deuren open voor het grote publiek. Bezoekuren: op zaterdag 16.02 van 14u tot 18u en op zondag 17.02 van 10u30 tot 18u.

conciërgehuis en de Patronage  POC DE Kepper

Opgetrokken ‘in de achtertuin’ van de Patronage (Telex en De Kring) is het een toekomstgerichte voortzetting van het christelijk geïnspireerde verenigingsleven, dat sinds 1906 op deze site gedijt. De benaming ‘De Kepper’ vindt zijn oorsprong in de familienaam van volksvertegenwoordiger Philippe De Kepper (1821-1897), echtgenoot van Eulalie Van Der Donckt. Deze laatste was de dochter van Théodore, burgemeester van Kruishoutem. Zie: https://www.hultheim.be/index.php/kruishoutem/krasse-kruishoutemnaren/7-frans-jozef-theodoor-van-der-donckt-1795-1878. Eulalie schonk met haar man de grond waarop de toenmalige school, het conciërgehuis en de Patronage werden gebouwd (foto links).

Voor info over POC De Kepper: https://www.poc-dekepper.be/. Voor de geschiedenis van de site Patronage - De Kepper, zie : DE BORGGRAEVE Edwin, 110 jaar Patronage (1906-2016), jaarboek Hultheim 2016, p. 230-237.

Op zaterdag 26 januari 1884 werden bij een stoutmoedige inbraak in de pastorie van Lede een zilveren horlogie en eenige relikwiën buitgemaakt (zie vorig berichtje op deze site).

In buurtdorp Wannegem was men niet van plan het zo ver te laten komen. Een BIN-netwerk avant la lettre  werd opgericht. Tijdens de eucharistievieringen werd de pastorie bewaakt, een initiatief van plaatselijke wakkere burgers onder leiding van de dorpssmid. En met succes ! Op vrijdag 8 februari 1884 - vandaag 135 jaar geleden - betrapten ze een jonge snaak op heterdaad. Het voorzichtige vermoeden van 13 dagen voordien als zouden het misschien wel buitenlanders zijn die de streek teisterden, kon meteen naar het rijk der fabeltjes worden verwezen. Hierna het persrelaas van toen.

       Pastorij van Wanneghem

135 jaar geleden : “Uit Wanneghem-Lede: Vrijdag morgen, 8 dezer, tusschen zes en zeven ure, terwijl de pastor mis deed, hebben de parochianen eene schoone vangst gedaan. Sedert dat er in de pastorij van Lede gestolen is, wordt de pastorij van Wanneghem binst de mis door eenen werkman bewaakt.

Nu zoo, nauwelijks is de mis vrijdag begonnen, of de waker ziet licht in de pastorij. Hij gaat voorzichtig op zijne koussen door de venster zien, en bemerkt daar eenen persoon als een Mijnheer gekleed, die volop bezig is met snuisteren in kas en commode. De werkman loopt voorzichtig naar de nabijzijnde smis; de smid en zijne knechten komen gauw mede, gewapend met wat smisal(aa)m; zij bezetten de pastorij en beginnen “moord ! moord !” te roepen. In weinige minuten is de pastorij met menschen als bestormd; allen zijn gewapend, doch niemand zou geern door de venster kruipen langs waar de dief ingebroken is. Men gaat naar de kerk, om den sleutel bij den pastor te halen; daarmee doet men de deur van de pastorij open; de eenen stormen alsdan het huis binnen, anderen houden de wacht rondom.

Ontsnappen kon de dief niet. Men zoekt alle plaatsen af, doch niemand te vinden. Eindelijk kijkt de smid in de kaave van eene opene viering, en ziet daar Mijnheer den Dief staan, langs den muur, gesteund op eenige nagels of klampen ! De smid grijpt den kerel bij de beenen; deze valt met wat grijm op den grond en laat zich zonder tegenweer gevangen nemen. Men onderzoekt zijnen kleêren, doch hij had geene andere wapens als eenen beitel en twee sleutels; verder had hij al voor eenige frans kardoezen in eenen zakdoek en eenige schorten van de meid. Zonder de tusschenkomst van den pastor en van eenen anderen persoon, ware de schelm door de verontweerdigde lieden verscheurd geworden. Hij is geboortig van Wanneghem-Lede en nu woonsachtig te Brussel. Men denkt dat het ook hij is die te Lede in de pastorij gestolen heeft over veertien dagen, want hij heeft al bekend bij zijnen oom te Lede gestolen te hebben. Verleden jaar wierd er veel gestolen op deze streek; de zelfde kerel die nu geknipt is, heeft verschillige keeren langs hier geweest.

Ik geloof dat er veel zulke heeren uit den buiten in de groote steden wonen, die toen als eens onder het een of ander voorwendsel naar hunne streek komen om er slechte streken uit te meten. De dief van Wanneghem is aan de gendarmerie van Cruijshauthem overgeleverd geworden; ’t is een gast van nog maar in de twintig.” (Gazette van Kortrijk - 16 februari 1884)

Pastorij van Wanneghem Lede

Dieven gaan waar rijkdom wordt vermoed. Geen wonder dus dat kerken en pastorijen in het verleden vaak ongewenst bezoek over de vloer kregen. De pastoor van Lede mocht het op vrijdag 26 januari 1884135 jaar geleden - ondervinden.

Het persverslag van toen had overigens een licht xenofoob ondertoontje door de subtiele verwijzing naar buitenlandse vagebonden: “Dieften in de Pastorijen - De duitsche landloopers die in Limburg zoveel Pastorijen  en kerken bestelen, beginnen hier navolgers te krijgen. Den 20 Januari is er gestolen in de Pastorij van Swijnaarde, doch zijn verjaagd; den 26 Januari is er ingebroken in de Pastorij van Wanneghem-Lede, langs de venster der keuken; z’hadden zich verborgen, totdat de Pastoor  en de dienstmeid naar de kerk gegaan waren, dan zijn zij in de Pastorij gebroken, hebben er alles onderzocht, en meêgenomen een zilveren horlogie en eenige relikwiën. Circa 20 minuten zijn de dieven in de Pastorij gebleven.” (Het Land van Aelst - 3 februari 1884).

Een kleine twee weken na deze inbraak zou de ontknoping volgen, te Wannegem ... . Wordt vervolgd.

In 1888 kreeg Cruyshautem een beter mobiel contact met de regio door de aanleg van de tramlijn Deynze-Audenaerde. Talrijke aansluitende buurtspoorwegtrajecten werden in het vooruitzicht gesteld.

Kaart tramlijnen

In 1899 - nu 120 jaar geleden - meldde een regiokrant: “Het schijnt dat de uitbreiding van onzen tramweg nu verzekerd is en dat hij dezen zomer gaat voltrokken worden van Audenaarde naar Geeraardsbergen, zijnde eene afstand van 22 kilometers. De belangrijkste gemeenten welke hij aanraakt, zooals Maerke-Kerkhem, Cornelis Hoorebeke, Segelsem, Nederbrakel, Paricke en Overboelaere zijn overeengekomen, ook voor hen geëvenredigd gedeelte in de kosten van daarstelling bij te dragen.” (De Deinsche Burger - 22.01.1899). De lijn Oudenaarde - Geraardsbergen kwam er en was operationeel vanaf 1905.  

In dezelfde krant een maand later: ”In het omliggende van Deinze wordt er weder veel gehandeld over de mogelijke uitbreiding van onze tramlijn Audenaarde-Deinze, naar Vynckt, Lootenhulle, Pouques, Ruisselede en Aeltre.” (De Deinsche Burger - 26.02.1899). Hier bleef het bij een proefballonnetje. Dit tramtraject kwam er niet. Een ritje Aalter-Geraardsbergen zat er dus niet in, toch niet met een Kamielke.

Zinloos geweld

Niets is nieuw onder de zon, ook zinloos geweld niet. 130 jaar geleden werd in de Neerrechemstraat te Lozer een winkelier door een bende jongelingen regelrecht zijn dood tegemoet geschopt: “Lozer - Zondag, 6 dezer, is alhier, in de Neerrechemstraat eene schrikkelijke daad gepleegd. Eenige jonge gasten hadden moeilijkheden gekregen om eenige nietige reden en gingen aan het vechten. De genaamde Pieter Cnudde, winkelier in de Neerrechemstraat, meende zijnen zoon onder de vechters te hooren. Buiten springende, kreeg deze brave man een zoo geweldigen slag, dat hij bijna levenloos ten gronde stortte; dan verdubbelde de woede der wreede kerels; zij schupten en stampten den man zoodanig, dat hij voor dood werd binnen gedragen. Nu, na acht dagen schrikkelijk lijden, is zooals men zegt, het vuur in zijnen buik gekomen, en zondag nacht is de man bezweken in de grootste pijnen. Twee maal is het parket ter plaats geweest en maandag hebben de wetsgeneesheeren de lijkschouwing gedaan. De daders, door het gerecht erkend, zullen het duur bekoopen.” (Den denderbode - 20.01.1889).